DAAROM

‘EEN LINTJE KRIJG JE NOOIT ALLEEN’

Tekst Karen de Jager Beeld Claudia Kamergorodski

Lies van der Kraan stelde zich de laatste or-verkiezingen niet meer herkiesbaar, met pijn in het hart. Het pensioen is in zicht na vijftig jaar werken in de zorg, eerst als verzorgende en de laatste jaren op het medisch secretariaat van de Lelie zorggroep in Rotterdam.

LINTJE

Voor die vijftig jaar en verschillende nevenfuncties zoals de or, de personeelsvereniging en de bewonerscommissie, kreeg ze een lintje. Niet nodig, vindt ze zelf, een onderscheiding omdat je vijftig jaar gewoon je werk doet, waarvoor je ook nog betaald wordt. Maar dat “gewoon” is blijkbaar bijzonder, zei de wethouder, en verwees naar al degenen die de aanbeveling voor die onderscheiding hadden ondertekend. Lies droeg de onderscheiding op aan al haar collega’s. ‘Een lintje krijgt niemand alleen. Ik heb mijn werk alleen maar kunnen doen samen met al die collega’s.’

ONTWIKKELING

Lies begon als helpende, maar op advies van haar leidinggevende behaalde ze het diploma verzorgende. Ontwikkeling is belangrijk, vindt ze. Dat maakt de zorg professioneler. Kennis verzamelen was ook een van de redenen om actief te worden voor de FNV, als kaderlid en als or-lid. ‘Je krijgt zoveel meer inzicht in de organisatie. Dat is verrijkend. Dat inzicht maakte het mogelijk de belangen van onze collega’s goed te behartigen, zeker ook die van collega’s die op locatie werken en meer afstand hebben tot de werkorganisatie. Binnen de Lelie zorggroep is de or een factor van belang, een club waar de directie rekening mee houdt.’

AFSCHEID

Ze had haar afscheid van dat andere deel van haar leven, haar werk, wel anders voorgesteld. Het secretariaat was altijd een zoete inval, de plek waar alle niveaus van de organisatie elkaar tegenkwamen. Die andere koffieautomaat zeg maar. ‘Nu moet iedereen op anderhalve meter afstand blijven. Dat is toch wel even wennen. Door de lockdown zijn de verpleeghuizen gesloten voor vrijwilligers en mantelzorgers. Dat is duidelijk te merken. Allerlei activiteiten liggen stil. Collega’s die geveld zijn door corona, dat maakt ons allemaal voorzichtiger. Gelukkig hebben we altijd voldoende beschermingsmiddelen gehad binnen onze organisatie. Kijkt ze uit naar haar pensioen? Ze lacht en zegt: ‘Dat moet ik ervaren, ik weet het nog niet. Mijn man zegt van wel. En misschien is het na vijftig jaar ook wel genoeg.’